Vuilnismannen

Datum: maandag 19 september 2016

 

Vandaag is bij ons voor het laatst het vuil opgehaald. In mijn woonplaats Den Haag zijn onze stadsbestuurders al enkele jaren doende een mega-operatie uit te voeren welke als doel heeft dat bewoners zelf hun restafval dumpen in ondergrondse containers in hun straat. Dit betekent dat vuilnismannen langzaam maar zeker uit ons straatbeeld zullen verdwijnen, althans in de traditionele betekenis van het woord.

De term kent twee gevoelswaarden. Min of meer vanzelfsprekend staat  de vuilnisman symbool voor  het laatste dat een mens in zijn carrière zal nastreven. Vuilnismannen staan niet hoog op de maatschappelijke ladder.  Op school,  tijdens de jaren vijftig, trachtte mijn leraar Frans ons te doen begrijpen dat de manier waarop vuilnismannen met hun grammatica omgingen, de minst gewenste vorm was die te bedenken viel.  in de maatschappij gold destijds dat als je helemaal nièts meer kon worden, altijd het beroep van vuilnisman nog kon overwegen. Sinds ik echter weet dat mijn betovergrootvader tijdens de negentiende eeuw zijn gezin als vuilnisophaler en lantaarnopsteker moest zien te onderhouden, ben ik wat minder hovaardig over dat beroep gaan denken.

Daarbij speelt ook de romantiek uit mijn vroege jeugd een belangrijke rol. Het moment dat vroeger de vuilniswagen de straat indraaide  gold toch immers als het spannendste moment van de week. Als een rijtoer makende vorst, begeleid door een fiks aantal vegers. schreed het vooroorlogs ogend vehikel door onze straten. Rennende mannen, als in een ouderwetse bioscoopfilm, leegden behendig de ijzeren vuilnisbakken die met gebruikmaking van een op de deksel aangebracht stalen oor in de alles verslindende muil van de wagen werden leeggekieperd. Naast het beroep van brandweerman stond de wens om ooit vuilnisman of puttenzuiger te worden hoog op de vuilnismannen den haag.jpgwensenlijst van een achtjarig stadsjongetje.

De bewondering is er nog steeds. Minder  om  het heldendom dat de functie zou uitstralen  maar inmiddels vooral om de spierkracht die je als ouderende man niet meer zou kunnen opbrengen om een dag lang lopend zware vuilniszakken in een rijdende auto te smijten.  Mijn respect is gegroeid voor de gedisciplineerde wijze waarop duizenden vuilnismannen week in- week uit  van ons de zorg van ons overnemen door het verwerken van onze welvaartsresten. Daarom heb ik vanmorgen vroeg- slechts gekleed  in mijn comfortabele kamerjas- een foto geschoten van de laatste vuilophalers  in onze straat en hen met een handdruk bedankt voor alle duizenden keren dat zij en hun voorgangers ons van onze troep hebben afgeholpen.