Friso

Datum: dinsdag 13 augustus 2013

Prins Friso is overleden. Maandag 12 augustus om drie uur 's middags bracht de Rijksvoorlichtingdienst het bericht naar buiten. Van dat moment af werden gedurende de hele middag en avond alle TV-netten geterroriseerd door het nieuws van Friso's overlijden. De inslag van een komeet op de Dam In Amsterdam zou de aandacht niet gekregen hebben die dit sterven kreeg. Mij komt daarbij voor dat er van enige journalistieke overdrijving sprake is.

Ik kan er heel goed mee leven dat koninklijke hoogheden in ons land wat prominenter aanwezig zijn dan gewone burgers en dat zoiets ook en vooral geldt op het moment dat ze overlijden. De mate waarin die aandacht echter vorm krijgt, vervult me met enige zorg. Niet omdat ik het koningshuis die aandacht niet gun, maar juist vanwege het soort aandacht. Het is begrijpelijk dat de omroepen hun informatie over Friso kwijt willen  op dit moment, ze hadden het tenslotte allemaal al kant en klaar in de kast liggen. Maar de manier waarop dat gaat doet toch je tenen krommen.

Uiterst ingehouden was de boodschap die  door de RVD was afgegeven: complicaties van de comateuze toestand waarin de prins verbleef hadden tot zijn dood geleid. Mij ontgaat het waarom er nu straalverbindingen moeten worden aangelegd naar het Huis ten Bosch via welke verslaggevers elkaar urenlang bevragen of er verder nog nieuws is want dat was er gewoon niet. Het resultaat van dit soort broddelwerk is een eindeloos herkauwen, tot op het gênante toe, van de boodschap die slechts in één zinnetje was afgegeven. Ronduit beledigend zijn de interviews die vervolgens op straat worden afgenomen. Nederland spreekt zich daarin op zijn platst uit over de man van wie ze nauwelijks iets afweten, liefst nog gelokaliseerd in een Brabants café waarin het bier op tafel staat. Of in een winkelcentrum waarin de geïnterviewden intussen hun ijsje eten. Deze afschuwelijk verwoorde platitudes, gecombineerd met alle clichés die politieke hoogwaardigheidsbekleders het luchtruim insturen vormen voor mij een decor waar ik niet bij wil horen. Alle goede bedoelingen ten spijt vind ik dat Nederland op dit soort momenten zich van zijn meest kleinburgerlijke kant laat zien. Omroepen moeten zich schamen dat ze met hun leuterende nieuwsprogrammering voeding geven aan deze misselijk makende geest.