Bierkaai

Datum: maandag 29 juli 2013

Telkens als ik 's morgens de krant lees en me door het nieuws probeer heen te werken, maak ik daarbij gebruik van een denkbeeldig filter. Dat filter helpt me het nieuws behapbaar en begrijpelijk te houden. Om enigszins het geweld van feiten en ontwikkelingen te kunnen trotseren schrap ik de items die buiten mijn aandachtsveld liggen. Aldus handelend luister ik naar mijn Duitse leraar van vroeger die mij ooit het 'In der Beschränkung zeigt sich der Meister' als wijsheid meegaf. Vrij vertaald: 'Zij die hun eigen grenzen kennen zullen daarbinnen beter presteren'.
Ik laat dus veel aan anderen over maar veer soms even op als er nieuws verschijnt over iets waarvan ik denk een beetje verstand te hebben. Overigens verbeeld ik me steeds vaker dat dit minder voorkomt. Mogelijk heeft dat te maken met het feit dat je je op een bepaalde leeftijd voor sommige dingen gaat afsluiten. Ik troost me met de gedachte dat je, al ouder wordend, beter zicht krijgt op de dingen die je wél of niet kunt.
De techniek om het nieuws te filteren op persoonlijke relevantie dicteert mij dat de meningsvorming over buitengesloten onderwerpen gelijke tred moet houden met de daarover aanwezige kennis. Als die kennis nauwelijks aanwezig is dwing ik me zelf om daarover geen luidruchtige uitspraken te doen. U zult mij daarom zelfs aan de borreltafel niet kunnen betrappen op het ventileren van diepzinnige inzichten over zaken waarvan ik geen verstand heb. Op momenten dat het toch dreigt te gebeuren grijpt mijn vrouw doorgaans in.

Eén van de onderwerpen waarvan ik denk iets te weten is het onderwerp kerkmuziek. Ik zeg dit met grote terughoudendheid omdat ik heel goed weet dat binnen dit genre veel categorieën bestaan. De nuances liggen op het vlak van talent, kunde en smaak. Op het terrein van de werkvloer (dat is alles wat zich afspeelt tijdens de wekelijks kerkdienst) heb ik als gevolg van mijn passie enige opleiding genoten en enige ervaring opgebouwd. Ook hier weer heeft de tijd mij leren inzien dat je niet bescheiden genoeg kunt zijn over de dingen die je in de kerk (meestal achter een orgel) presteert. Kerkmuziek maken is een vak en niet iedereen heeft de gelegenheid gekregen of genomen om deze kunst vakmatig uit te gaan oefenen. Kerkmusici die daarvoor hebben gekozen deden dat vaak vanuit een diepe geloofsovertuiging want in maatschappelijk opzicht levert dat vak weinig op. De omstandigheid dat er in ons land veel meer vierplekken zijn dan dat er volwaardige kerkmusici zijn leidt naar de praktijk dat er op veel plaatsen vanuit een beperkte- of geen opleiding toch kerkmuziek geleverd moet worden. Dat ontaardt nogal eens in tenenkrommende toestanden.

Nog erger is dat de kloof die hoorbaar is tussen de professionele praktijk en het door liefhebbers geleverde orgelspel door velen binnen die kerk niet of nauwelijks ervaren wordt. Vaak is men al tevreden als er maar geluid uit de orgelpijpen komt. Deze labiele praktijk levert nogal eens goedwillende maar niet door kennis gehinderde orgelspelers op die vanwege de verstopte oren van hun publiek ook niet worden gestimuleerd om iets aan educatie te doen.

Zolang kerkrentmeesters op de hoogte zijn van correcte procedures  rondom nieuwe aanstellingen mag je hopen op voldoende aandacht voor kwaliteit en opleiding van de kandidaten maar het komt ook voor dat de beoordeling van nieuwe organisten wordt overgelaten aan gemeenteleden die er wel een beetje verstand van hebben. Het is deze vermeende deskundigheid die een gezonde ontwikkeling van kerkmuziek in de weg staat. Binnen kerkorde en ordonantieën  van de PKN staat ordelijk beschreven hoe zij die de moeite hebben genomen een behoorlijk opleiding te volgen, beoordeeld dienen te worden maar helaas zijn er nog al wat colleges die hun eigen regels niet kennen of moedwillig de andere kant opkijken.
Al dit bestuurlijk dilettantisme levert veel onzin op aan de kerkelijke borreltafels, anders gezegd: niet ieder is in staat om zijn eigen filters correct in te stellen. Misplaatste wijsneuzerij veroorzaakt daarom een steeds schraler aanbod van bekwame kerkmusici want het voeren van een gezond pleidooi voor goede kerkmuziek wordt steeds meer vechten tegen de bierkaai. Het zou velen binnen de Kerk sieren als ze hun eigen beperkingen kenden door ruimte te laten voor hen die de moeite genomen hebben zich fatsoenlijk te laten opleiden.