Vader

Datum: maandag 19 februari 2007

Als oude mensen herinneringen ophalen, maken ze vaak grote sprongen. De lange afstand in de tijd maakt hen minder nauwkeurig. Dus worden de jaren vóór de bezetting makkelijk verwisseld met de tijd van ná de oorlog en worden personen nog al eens door elkaar gehaald. Het gevolg daarvan is dat hoorders van dit soort herinneringen soms geacht worden mensen te kennen die reeds lang vóór hun eigen geboorte gestorven zijn. Bejaarden kijken niet op een jaartje.

Ik heb mijn vader bijna een halve eeuw om me heen gehad en heb dus een aantal fasen van zijn leven tot aan zijn overlijden van nabij meegemaakt. Wonderlijk genoeg valt het nu al niet meer mee om zijn levensloop chronologisch voor de geest te halen. Goede herinneringen buitelen over de minder goede heen. Onbeduidende gebeurtenissen dringen zich op ten koste van belangrijker zaken. Waardevolle momenten zijn in de vergetelheid weggezakt. Bij navraag blijkt, verwarrend genoeg, dat verschillende mensen vaak ook weer verschillende herinneringen aan dezelfde man bij zich dragen. En dus ontstaat evenzo goed ook bij mij weer het gevaar dat het leven van deze mens vertekend de geschiedenis ingaat. Als daar tenminste überhaupt nog sprake van is.

Onlangs, bij een reunie, werd mij duidelijk hoe weinig mensen over het algemeen nog iets van hun voorouders weten. Een periode van vijftig jaar is doorgaans al voldoende om mensen, met wie je toch een bloedband hebt, in de herinnering te doen verschrompelen. Complete mensenlevens, met alles wat daarin gebeurde, zijn na zo korte tijd al overwoekerd door recentere trivialiteiten. De wetenschap dat vijftig jaar na mijn dood in het gunstigste geval alleen mijn naam nog herinnerd zal worden, heeft mij voor eens en voor altijd een stuk bescheidener gemaakt.

Toen de bovenstaande gedachte onlangs in mijn hersenkamer was doorgedrongen, heb ik pen en papier gepakt en ben ik dingen gaan opschrijven over de man die mij ooit verwekte. De spaarzame resten in mijn kast die nog aan zijn leven herinneren, worden sindsdien gekoesterd, zijn brieven nog eens herlezen en zijn goede raad -meer dan vroeger- overwogen. De film van zijn leven, gedeeltelijk door eigen verhalen en voor de rest door middel van schaarse Kodak-kiekjes aan ons overgeleverd, wordt gereconstrueerd, zijn restjes handschrift worden zorgvuldig bewaard. De afdrukken van zijn altijd wat vette handen, nagelaten op zijn veelgebruikte liedboek, worden bewust niet verwijderd. We doen er alles aan om de herinneringen aan hem nog even te conserveren.

Noem het sentiment of overdreven aandacht, maar sinds ik zelf een paar kinderen mocht grootbrengen heb ik meer waardering gekregen voor de man die dat deed terwijl de V2's over de stad vlogen. De man die ons later door zijn manier van leven doceerde dat de alsmaar toenemende welvaart wel degelijk zijn schaduwkanten had.
In het besef dat herinneringen zelfs in dit stadium al gekleurd kunnen zijn en dat de adoratie voor zijn leven mogelijk wat overtrokken is, ben ik niettemin dit unieke leven gaan documenteren. Met als doel het vele goede uit zijn niet voor niets geleefde leven over te leveren aan mijn kinderen en -naar ik hoop- mijn kleinkinderen. Het zou goed zijn als er vijftig jaar na zijn dood niet alleen wat jaartallen maar ook nog iets over zijn leven bekend zou zijn.

Daarom zijn deze regels de fundamenten van een monument voor mijn vader, de man die op 3 augustus 1899, in Loosduinen werd geboren.

Requiem aeternam dona eis Domine et lux perpetua luceat eis.